Kapkool (stamppot witte kool) uit de snelkookpan

Kapkool is echte Urker winterkost. De meeste Urkers eten dit met een gestoofd peertje per persoon erbij.

Benodigdheden (4 personen):
2 x zoveel aardappelen als je anders zou schillen.
2 grote witte uien.
Een halve witte kool.
(evt. 4 stoofpeertjes)
Zout, peper, azijn.

Hoe:
Zet de waterkoker aan. Snijd de uien in halve ringen en doe in de snelkookpan. Daarbovenop de reepjes gesneden witte kool. Schil de aardappelen en doe die in het treefje bovenop de kool. Zet evt. de peren erbovenop. Bestrooi met zout en peper en vul de pan voor een derde met kokend water. Deksel erop en afsluiter erop. Breng aan de kook. Als de pan veel herrie maakt, zet hem lager (op 3) en laat 7 minuten koken. Zet daarna de pan onder een koude waterstraal om de druk eraf te halen en open het deksel. Pak het treefje met aardappel en peer eraf, laat uitlekken en zet even apart. Giet de kool en uien goed af (dit is belangrijk, anders wordt het waterig). Voeg dan de aardappels weer toe en stamp het fijn. Om smeuiïg te maken kun je een klontje roomboter toevoegen.
Kapkool is pas kapkool als je het op je bord serveert met in het midden een kuil, daarin jus en in de jus een scheut azijn en peper. De stoofpeer zet je ernaast. Ook overheerlijk is een plak gekaramelliseerde ui erbij.