Pruimen crumble (pruimen dessert)

Nodig (voor 6 personen):
Kilo pruimen,
kaneel.

50 gr. rietsuiker.
100 gr. roomboter.
50 gr. bloem (of speltmeel)
50 gr. havermout,
50 gr. gemalen kokos
snufje zout

Hoe:
Oven op 200⁰ C.
Pruimen wassen, halveren en ontpitten. Vet ovenschaal in met wat boter en strooi er ietsje suiker en kaneel in. Doe de pruimen in de ovenschaal.

Voor het deeg roer je met de mixer alle ingrediënten door elkaar, tot het op broodkruimels lijkt. Je kunt het ook zonder mixer doen, dan wrijf je met de platte kant van een mes net zo lang tot je hetzelfde effect krijgt.
(Het deeg kun je een tijdje in een pot in de koelkast bewaren. Je kunt het dus ook van te voren maken.)

Strooi het kruimeldeeg over de pruimen en zet 30 minuten in de oven.
Lekker om warm op te eten met vanille-ijs!

Yoghurt panna cotta met honing en walnoten


Wat:

300 gr Griekse yoghurt
200 ml. slagroom (1 pakje)
50 gr. (riet)suiker
3 blaadjes gelatine

1 eetl. honing
25 gr walnoten

Hoe:
Week de gelatineblaadjes in koud water.

Verwarm in een pan de slagroom met de suiker tot deze opgelost is (tegen de kook aan).

Knijp de gelatineblaadjes uit en roer ze erdoor tot ze opgelost zijn. Laat afkoelen tot kamertemperatuur (bijvoorbeeld door even de pan in koud water te zetten).

Roer de yoghurt erdoor.

Giet het mengsel in omgespoelde pudding- of soufflévormpjes en zet minstens 4 uur in de koelkast.

Houd de vormpjes daarna een paar tellen in heet water en keer om op 4 bordjes.
Serveer met wat honing erover en wat walnoten.

 

Smeltende chocoladebollen

Meest gave toetje ooit! En wat is het eigenlijk makkelijk om te maken. Eerlijk gezegd heb ik het met ballonnen geprobeerd, maar dat werd een kliederboel, en de chocola kwam er niet makkelijk uit. (Dat kwam misschien wel omdat ik de ballonnen niet had ingesmeerd met olie, maar goed…). Met een siliconenmal met 6 halve bollen, van 7 cm doorsnee ging het fantastisch. Ik had één mal, die ik twee keer gebruikt heb om dus 12 halve bollen te maken. Op elkaar geplakt werd dat dus 6 bollen. Dit is echt een aanrader om een speciaal en spectaculair toetje te serveren.

Wat:
Voor de bollen:
200 gr pure chocolade, 70%,
Voor de chocoladesaus:
200 gr pure chocolade, 70%,
200 ml slagroom,
wat melk om te verdunnen,
ietsje poedersuiker,
ietsje zeezout

Hoe:
Sla de chocoladeplakken even kapot op het aanrecht voordat je ze openmaakt.
Doe + 2/3 van de chocoladestukjes in een glazen schaal, die je op een pannetje kokend water zet. Roer tot het gesmolten is. Pak de schaal dan van het hete water en roer er de rest van de chocolade door. (Ik heb de mal met bollen op een rvs plaatje gezet, zodat je hem makkelijk kunt oppakken. Je kunt natuurlijk ook een stevig kartonnetje gebruiken.) Schep een eetlepel van de warme chocolade in elk van de halve bollen en strijk (bijv. met een siliconenkwastje) tot aan de rand van de bol, zodat de hele bol mooi bedekt is. Zet 5 minuutjes in de koelkast, en herhaal dit evt. nog een keer. Laat dit mooi stollen en keer daarna de bollen met je vingers voorzichtig binnenstebuiten, zodat de halve bollen eruit ploppen. Ik heb ze bewaard op wat bakpapier, in een plastic doos in de koelkast.
Maak nu de de tweede lading. Verwarm gewoon weer even de chocolade (let op: niet te heet) en strijk de bollen weer vol.

Als je 12 halve bollen hebt, kun je ze samenstellen. Er moet natuurlijk een vulling in komen. Daar kun je je eigen fantasie voor gebruiken. Ik heb een klein stukje cake gebruikt, met wat rum erop, een paar plakjes aardbeien en een drupje advocaat. Dat was erg lekker. Maar er kan natuurlijk van alles in. Als je 6 halve bollen gevuld hebt, plak je de andere 6 er bovenop met een beetje gesmolten chocola. (Of je warmt de helften even op een warme bodem van een pan en dan plakken ze ook.) Bewaar ze tot gebruik in de koelkast.

Voor het opmaken op de bordjes heb ik een beetje caramel met zeezout gebruikt wat ik nog had. Een theelepeltje op een bordje, en daarop de bol vastzetten. Dan opmaken met wat citroenmelisse, of munt, en/of wat vruchten. Je kunt er ook een ietsje poedersuiker op strooien.

Voor de hete chocoladesaus breng je de room aan de kook en laat er 200 gr. chocolade in smelten, met ietsje zeezout. Als de saus te dik wordt verdun je deze met melk. Proef even, misschien moet er een heel klein beetje poedersuiker in. Schenk dit in een verwarmd kannetje en laat de gasten zelf de saus over de bol schenken. Hij smelt dan open en laat de verrassing binnenin zien; spectaculair!
Succes verzekerd!

 

filmpje

Eton mess – schuim met slagroom en vruchten

Wat:
Schuimpjes. Kun je ook zelf maken; zie deze link.
Geklopte slagroom (kan ook uit een spuitbus)
Vruchten; aardbeien, frambozen, perzik, o.i.d.
of jam (lemon curd is ook heel lekker!)

Hoe:
Gebruik een grote glazen schaal,
of per persoon een glas.

De schuimpjes een beetje kapot maken en om en om met geklopte slagroom en vruchten (of lemon curd) scheppen.

Dit makkelijk te maken dessert noem je ook wel Eton Mess en is echt heerlijk!

Crème brûlée (voor 6 personen)

Wat:
6 eieren (m)
200 ml. melk
400 ml. slagroom
100 gr. witte suiker
1 vanillestokje
snufje zout

1 eetl. rietsuiker

Hoe:
Verwarm de oven voor op 125 graden Celsius.

Zet in een ovenschaal 6 ramekins (souffléschaaltjes) klaar. Kook alvast wat water in een waterkoker.

Schraap het merg uit het vanillestokje en doe het merg en het stokje in een pan met dikke bodem, samen met de melk, room en ietsje zout. Breng dit aan de kook en laat 5 minuten zachtjes trekken (op heel laag vuur). Zeef daarna de stokjes eruit.

Splits de eieren en doe alleen de dooiers in een grote schaal. De eiwitten gebruik je niet (daar kun je lekkere meringues van maken.) Doe de witte suiker bij de dooiers en roer goed door met een garde.
Schenk, steeds roerend met de garde, nu de room met melk erdoor.

Verdeel het mengsel over de 6 schaaltjes. Schenk voorzichtig kokend water in de ovenschaal (tot de opstaande rand van de souffléschaaltjes) en zet in de oven. Plusminus 60 minuten. Daarna afkoelen en minstens 2 uur in de koelkast. (Of de hele nacht.)

Voor het mooie knapperige laagje suiker verdeel je vlak voor gebruik een eetlepel rietsuiker over de schaaltjes. Daarna even onder een hete gril zetten, zodat de suiker karameliseert. Je kunt zien dat het goed is als het bruin wordt. Natuurlijk kun je ook een brandertje gebruiken in plaats van de gril.

Meringues – schuimpjes

Wat:

5 eiwitten
150 gr. witte basterdsuiker
150 gr. poedersuiker
1 eetl. maïzena

Hoe:
Bekleed een bakplaat met bakpapier.

Klop de eiwitten stijf met een mixer, voeg beetje bij beetje de basterdsuiker toe en klop minstens 5 minuten. Zeef daarna de maïzena en poedersuiker erdoor en spatel dit door je beslag. Maak mooie grote bergjes op de bakplaat. Zet dit 4 uur in de oven op 90 graden Celsius. Mag in de oven afkoelen.

Dessert tip:
De schuimpjes kun je ook een beetje kapot maken en in een glas om en om met geklopte slagroom en lemon curd scheppen. Dit noem je ook wel Eton Mess. Echt heerlijk!

Appeltaart

appeltaart2Wat:
300 gr. bloem
200 gr. roomboter
125 gr. witte basterdsuiker
klein ei
snufje zout

6-8 appels

Hoe:
Kneed de ingrediënten voor het deeg, en zet een half uurtje in de koelkast.

Schil en snijd de appels klein in een kom. Meng met kaneelpoeder (en evt. wat suiker of agavesiroop als je het echt zoet wilt hebben).

Verwarm de oven voor op 190 graden Celsius. Bekleed met tweederde van het deeg een bakvorm, doe de appels erin en maak kleine, lange rolletjes van de rest van het deeg. Leg die er in een ruitpatroon bovenop. Zet ongeveer 45 minuten in de oven.

De appeltaart is het allerlekkerst als hij nog warm is, met vanille-ijs.

 

 

Tompoes / Tompouce (8 stuks)

Wat:
Voor de vulling:
350 ml. melk
1 vanillestokje
85 gr. suiker (bijv. rietsuiker)
35 gr. custardpoeder

200 ml. slagroom
20 gr. poedersuiker

3,5 blaadje gelatine

Voor de bodem en het dakje:
8 plakjes bladerdeeg (diepvries)

Voor het glazuur:
200 gr. poedersuiker
2 eetl. koud water
Voor roze glazuur: extra 5 frambozen (bijv. diepvries)

Hoe:
Maak eerst de pudding, want die moet opstijven.
Roer de custardpoeder met het merg van het vanillestokje en de suiker in een kommetje met iets van de melk tot het niet meer klontert.
Verwarm de melk in een steelpan met dikke bodem tot het bijna kookt (dan komt er een hele witte, soort schuimende laag op) en roer het custardpapje erdoor. Laat dit voorzichtig koken (goed roeren) tot het gaar is (+ 2 min.). Stort het daarna op een plaatje en doe er meteen een laag plasticfolie over. Laat dit goed afkoelen, bijv. in de diepvries.

Laat de gelatineblaadjes weken in koud water.

Leg 8 plakjes bladerdeeg uit en laat ze ontdooien. Als ze nog een beetje stevig zijn kun je ze het beste doormidden snijden. Leg ze als ze ontdooid zijn op een, met koud water omgespoeld bakblik en prik ze met een vork goed overal in (dat zorgt ervoor dat ze niet teveel rijzen). Verwarm de oven voor op 200 graden celsius, ondertussen rust het deeg een kwartiertje.
Daarna 20 minuten in de oven. Na een minuut of 8 kun je de oven even opendoen om met een schone theedoek voorzichtig de lucht uit de deegplakjes te duwen. Dat kan na 15 minuten bakken ook nog eens. Als je twee bakplaten nodig hebt, moet de onderste misschien nog 5 minuutjes langer bakken. Kijk maar naar de kleur; ze moeten niet bruin worden. Daarna de bakplaten uit de oven laten afkoelen. Voorzichtig met een taartschep de plakjes loshalen van het blik.

Ondertussen klop je de slagroom met de 20 gr. poedersuiker mooi stijf en zet het zo lang in de koelkast.

Dan de geweekte gelatineblaadjes uitknijpen en met aanhangend water in een steelpannetje op een heel laag vuur voorzichtig opwarmen tot het gesmolten is.

Kijk of de pudding koud geworden is, en klop dit lekker los in een kom met de mixer. Daar voeg je de gelatine aan toe, kloppen, en de slagroom. Roer dit goed door en schep in een spuitzak die in een maatbeker staat. Zet deze in de koelkast tot gebruik.

Glazuren:
Keer 8 blaadjes bladerdeeg om, zodat de platte kant boven ligt.
Zeef de frambozen en voeg het sap toe aan de poedersuiker en 2 eetl. water. Kijk even of je kunt roeren, misschien moet er nog iets water bij. Het moet een dikke, net roerbare, stroop worden. Dat smeer je met een lepel op de 8 blaadjes bladerdeeg.

De finishing touch:
Je spuit met de spuitzak 3 mooie rechte strepen op de onderste bladerdeegplakjes, en legt er het geglazuurde dakje bovenop. Eet ze!

Panna cotta met frambozen

Wat:
300 g melk
400 ml. slagroom
100 gr. witte basterdsuiker
4 blaadjes gelatine
1 vanillestokje

250 gr. (bevroren) frambozen
25 gr. suiker
1 eetl. citroensap (of balsamico)

Hoe:
Week de gelatineblaadjes in koud water.

Verwarm in een pan met dikke bodem de melk, room, suiker, vanillestokjes (met schraapsel).
Laat tegen de kook komen. Laat dit ongeveer 10 min. staan op een laag pitje (laat niet koken).

Zeef het mengsel, knijp de gelatineblaadjes uit en roer ze erdoor tot ze opgelost zijn.

Verdeel het mengsel over 6 glaasjes en laat minstens 3 uur in de koelkast staan. (Of de hele nacht.)

Ontdooi de frambozen, of warm ze in een pannetje met de suiker en de citroensap. Dan de staafmixer erdoor. Je kunt het zeven, voor de pitjes, maar dat hoeft niet.

Als de panna cotta is opgesteven kun je de frambozenmoes er overheen lepelen, maar het is ook mogelijk om de puddinkjes te storten op een bordje en de frambozen er dan overheen te lepelen. Garneer met een takje munt of citroenmelisse.

 

Lemon curd

Nodig:
3 grote eieren,
3 grote citroenen,
85 gr. roomboter,
140 gr. witte suiker

Hoe:
Rasp het gele schilletje van de citroenen en pers ze uit. Dit wordt ongeveer 150 cl.

Doe in een pan met dikke bodem. Kluts de eieren en doe al roerend met een garde in de pan, samen met de rest van de ingrediënten. Kook heel zachtjes, steeds roerend met de garde 10 minuten.

Bewaar in een goed schoongemaakte glazen pot in de koelkast. Ongeveer een week houdbaar.

Heerlijk als jam op toast, of op een scone, of in de trifle.